De conclusies na het zilveren WK voor de Leeuwinnen in Frankrijk

De conclusies na het zilveren WK voor de Leeuwinnen in Frankrijk

8 juli 2019 – De Nederlandse dames keren maandag weer huiswaarts met een zilveren WK-medaille op zak. Een uiterst knappe prestatie van de Leeuwinnen, die het bij tijd en wijle best moeilijk hadden in Frankrijk. Hoewel ze wederom de beste ploeg van Europa zijn, zit er nog genoeg rek in het team van Sarina Wiegman. FCUpdate.nl maakt de balans op van het WK van Oranje en trekt negen conclusies. 



1. Wiegman een tacticus
Niet alleen met haar wissels tijdens wedstrijden kan Sarina Wiegman haar stempel drukken - onder andere Lineth Beerensteyn en Jill Roord scoorden als invalsters. Ook durft de coach duidelijke keuzes te maken en spelers van het kaliber Shanice van de Sanden, Kika van Es of Merel van Dongen te passeren als ze dat tactisch nodig acht. Dat Oranje vaak in het laatste deel van de wedstrijd scoorde, had niet alleen met fitheid en geluk te maken, ook met de veranderingen die de rustige Wiegman aanbracht gedurende duels. Tegen Amerika was ze de enige coach die een plan bedacht waarmee ze niet volledig werd overlopen. Het leverde Wiegman (inter)nationale complimenten op en haar tactisch brein werd vergeleken met die van José Mourinho. Wiegman krijgt terecht de complimenten, al moest de ploeg uiteindelijk desondanks wel capituleren in de finale. 

2. De Leeuwinnen leven
Ging het WK 2015 nog langs vrijwel alles en iedereen heen - er keek in de nacht een handjevol mensen en er waren nog minder in Canada aanwezig - was het WK 2019 in alle opzichte een nationaal voetbalfeest. Gesteund door de goede prestaties nam de belangstelling met de wedstrijd toe: (inter)nationale kijkrecords werden gebroken, in Nederland zaten meer dan vijf miljoen (!) mensen voor de buis tijdens de halve finale en finale. Ook werd er in Frankrijk meermaals een groot Oranje-feestje gehouden, de beelden uit Valenciennes gingen de hele wereld over. Ook waren alle reclames, winkelacties en straatversiering afgesteld op de Leeuwinnen. Het leeft meer dan ooit en zit enorm in de lift.

3. Nederland kan nog beter
Ja, Nederland heeft het heel erg goed gedaan. En de 2-0 nederlaag was tijdens deze finale op dit moment het maximaal haalbare. Maar Oranje kan écht beter. Aan de bal was het niet alleen in de eindstrijd niet geweldig, maar het hele toernooi is het veldspel van de Leeuwinnen niet zoals ze dat kunnen. Ook in de finale was het aan de bal niet goed genoeg om de Verenigde Staten echt pijn te doen. Alleen in een korte opleving vlak voor de pauze toonde Nederland wat het daadwerkelijk in huis heeft en in die periode moest de VS zelfs even achteruit. Het was voor deze finale te weinig, maar biedt wel degelijk perspectief voor bijvoorbeeld de Olympische Spelen.

4. Een echte eenheid
In ieder filmpje en elk interview roemen alle Oranje-Leeuwinnen de eenheid van de selectie. Maar tijdens het toernooi hebben de dames ook woord bij daad gevoegd: er was geen enkel onvertogen woord van de gepasseerde spelers. Of het nou Shanice van de Sanden, Lineth Beerensteyn, Anouk Dekker of Merel van Dongen was: allemaal vonden ze het teambelang zwaarder wegen dan hun eigen teleurstelling. Geen openhartige interviews of wegwerpgebaren: na vreugde en ook teleurstelling toonde Nederland aan echt een eenheid te zijn. De saamhorigheid was zonder twijfel de allergrootste kwaliteit van de Leeuwinnen in Frankrijk.

5. Het geluk van Oranje was op
Of het nou de late treffer van Jill Roord was, de gelukkige penalty tegen Japan, de vele ballen op paal en lat van het doel van Sari van Veenendaal waren of een van de vele late doelpunten van Oranje. Alles viel op de goede plek voor de Leeuwinnen op het WK in Frankrijk. Ook in Lyon voor de pauze kwam Nederland een paar keer goed weg bij grote kansen van Amerika, maar het geluk bleek in de tweede helft dan toch echt op. De strafschop die Oranje kreeg was niet per se onterecht, maar ook niet direct heel duidelijk en dus enigszins ongelukkig. Ook bij het tweede doelpunt zat het Oranje - dat daarna nog wel een paar keer goed weg kwam overigens - niet mee. Pech is het na een toernooi waarin het voornamelijk mee zat zeker niet te noemen, maar het geluk was gewoon op voor de Leeuwinnen.

6. Van Veenendaal absolute uitblinker
Over de vraag wie de absolute uitblinkster was bij Oranje dit toernooi hoeft niemand lang na te denken. Dat de transfervrije Sari van Veenendaal ondanks haar slippertje tegen Kameroen de prijs voor beste keepster won en zo als enige Nederlandse een individuele onderscheiding kreeg, was meer dan terecht. Stefanie van der Gragt was achterin eveneens een rots in de branding, terwijl voorin Vivianne Miedema - in welke rol ze ook speelde - een onmisbare schakel was. Op het middenveld blonk Jackie Groenen na haar mindere eerste wedstrijd in diverse (hoofd)rollen uit. In elke linie had Wiegman een onmisbare schakel staan, al was Van Veenendaal echt de beste.

7. De EK-vorm heeft Oranje nooit echt gehad
De Leeuwinnen kunnen terugkijken op een prachtig toernooi, met mooie wedstrijden. Maar zo makkelijk, frivool en sprankelend als het EK in eigen land werd beleefd en gespeeld, was het in Frankrijk nooit. De kwalificatie was moeizaam, het eerste duel werd met moeite gewonnen en op een aantal fases na was het niet zo goed als op het EK. Ditmaal moesten de Leeuwinnen het, mede dankzij de spelinstelling van de tegenstanders, vooral hebben van wilskracht, discipline en vechtlust. Een vaatje waaruit de Leeuwinnen duidelijk konden tappen, met prima fases tegen Japan, Canada en Italië als gevolg. Maar de EK-vorm heeft Nederland qua spel niet aangetikt dit toernooi. 

8. Meer voetballend vermogen achterin gewenst
Met Stefanie van der Gragt heeft Nederland een type Jaap Stam staan centraal achterin, maar naast haar ontbreekt een type a la Frank de Boer. De verdedigster moest niet alleen alles tegenhouden, maar ook aan de bal nog heel veel doen. En daarin bleek ze geen hoogvlieger te zijn: met name in de knock-outfase kwamen veel crosspasses niet aan. Dominique Bloodworth kon die rol zeker niet overnemen, terwijl ook Anouk Dekker daar niet voor in de wieg gelegd is. Desiree van Lunteren scoorde aan de bal en verdedigend een voldoende, maar linksachter was die combinatie er bij Merel van Dongen niet. Zij was verdedigend te kwetsbaar, Kika van Es bracht aan de bal niet genoeg en van Bloodworth kon niet veel meer worden verwacht dan hoe ze het deed. Een voetballende centrale verdedigster naast Van der Gragt geeft Wiegman een stuk meer opties. Is die binnen nu en een jaar te vinden?

9. Oranje hoort nu echt bij de wereldtop
Dat de EK-winst in eigen land geen incident was, heeft Nederland in Frankrijk bewezen. Omdat het pas de tweede keer was dat Oranje aan een WK meedeed en ook de kwalificatie via de play-offs moest gebeuren, werd Nederland zeker niet als een van de favorieten gezien. Hoogstens als outsider. Door het goede optreden op het WK staan de Nederlandse vrouwen - die veel kritiek kregen en toch wedstrijden vaak over de streep trokken - echter wereldwijd op de kaart. Met de EK-titel, het WK-zilver en een ticket voor de Olympische Spelen op zak, heeft de ploeg van Sarina Wiegman in Frankrijk meer dan aangetoond dat het écht bij de wereldtop van de vrouwen hoort.

gerelateerd

Reacties

Meer nieuws

  1. zaterdag 17 augustus 2019

  2. vrijdag 16 augustus 2019